Al een aantal jaren neem ik deel aan het congres van de ASAE: de American Society of Association Executives. Ik ben lid van die club. Zij heeft 22.000 leden, van wie de helft werkt bij een kleine vereniging (minder dan 10 werknemers). Op dit blog schrijf ik elk jaar over mijn deelname aan dit congres (Chicago, San Diego, Toronto). De volgende congressen vinden achtereenvolgens plaats in St. Louis (2011), Dallas (2012) en Atlanta (2013).
Ik ben een ervaren verenigingsman, ervaren aan beide kanten van het groene laken: als directeur en als bestuurslid. Ervaring vind ik belangrijk, zij wordt nogal eens onderschat. Maar ervaring krijgt mijns inziens meer waarde als zij bij voortduring wordt gevoed door nieuwe ervaring, kennis en inzichten van anderen en van mijzelf. Die nieuwe voeding haal ik vooral uit de VS.
Het belang van nieuwe voeding geldt vooral voor een 'beroep' als dat van verenigingswerker, om het maar zo algemeen mogelijk uit te drukken. Deze werksoort, dit 'vak' kent immers geen wetenschappelijke basis, er wordt niet systematisch onderzocht, geen kennis opgebouwd. Maar toch blijft inspiratie nodig, ook al moet zij komen van anecdotes, speculatieve theorieen en goed bedoelde generalisaties. Ervaringen en hypothesen worden gedeeld, dit is belangrijk voor de ontwikkeling van professioneel bewustzijn.
Voor mij is deelname aan dit congres een vorm van educatief toerisme. Ik ben de hele dag in touw in een goed gefaciliteerde omgeving en neem 's avonds deel aan leuke activiteiten. Ik let goed op aan welke sessies ik deelneem en maak veel aantekeningen. Want ik verzamel kennis, ook 'tacit knowledge' en ik wil die kennis graag delen met anderen in woord en geschrift.
Deze keer was de Nederlandse delegatie groter dan ooit: er was een georganiseerde groep van 15 personen (inclusief twee Vlaamse collega's); bovendien heb ik nog een handvol andere Nederlanders ontmoet, die op eigen gelegenheid of uit anderen hoofde aan het congres deelnamen. Zij die voor het eerst deelnamen bleken nogal eens teleurgesteld over wat zij in een sessie hadden gehoord, bij voorbeeld als het ging over social media. 'Zij hadden meer verwacht'.
Dit is natuurlijk een veel voorkomend probleem, vooral bij een groot aantal deelnemers. Dit doet zich ook bij wetenschappelijke congressen voor: er zijn enerzijds altijd deelnemers die al veel van het betreffende terrein/onderwerp weten en anderzijds deelnemers die zich komen orienteren. Op de schaal van een congres als dit --5000 + een paar honerd online--is het onvermijdelijk dat je als presentator van een sessie (learning lab) om te beginnen niet weet wie er in de zaal zitten, zodat je je verhaal niet op hun niveau kunt afstemmen. Voorts kun je er vergif op innemen dat je verhaal bij een deel van de mensen niet aankomt en bij een ander deel als oude kost wordt ontvangen. Niemand tevreden dus.
Ik zie zo'n congres vooral als een vorm van ontwikkelings- en zendingswerk voor het werkveld; de verenigingswereld is zo groot en divers, er zijn zoveel kleine verenigingen, besturen, directeuren en stafleden, er is zoveel basaal ontwikkelingswerk te doen, de mensen in de kleine verenigingen werken zo hard dat zij aan reflectie niet toekomen. Professionalisering is een verre wensdroom. Dus biedt deelname aan een congres uitkomst.
Als je zelf al het een en ander weet van een bepaald onderwerp, dat vrij nieuw en bovendien veelbelovend is, dan is het een toevalstreffer als je binnen zo'n algemeen congres, met zoveel onderwerpen--ik noem het een omnibus congres--echt dingen aan de weet komt die je verder brengen. Hoewel je dit natuurlijk nooit kunt uitsluiten.
Mijns inziens kun je dan beter naar een gespecialiseerd vakcongres gaan of deelnemen aan een netwerk van gelijkgerichten en -geinteresseerden. Overigens, bij tal van nieuwe en hype-achtige onderwerpen kun je zelf al gauw een aardige expertstatus verwerven, ookal zal die waarschijnlijk maar van korte duur zijn, gezien het hoge tempo van de technologische en commerciele ontwikkelingen. Overigens is het natuurlijk ook altijd de moeite waard om sessies over andere onderwerpen bij te wonen, ter verbreding van je horizon. Het is mijn ervaring dat je juist daar aardige inspiratie kunt opdoen die je goed van pas kan komen bij het onderwerp van je primaire interesse.
Met andere woorden, zoals zo vaak in het leven, spelen ook hier verwachtingen een belangrijke rol. Het is belangrijk om te weten wat je wilt en waar je daarvoor terecht kunt. Ik vind op dit congres elk jaar nog voldoende van mijn gading voor de kennisbehoefte die ik heb. In de presentaties en in de bookstore. En voor andere kennis- en vaardigheidsbehoeften zoek ik andere educatieve gelegenheden. Ik ben natuurlijk niet alleen maar een educatieve toerist maar ook een educatieve veelvraat.
Theo Jonkergouw, verenigingscoach, Los Angeles, 25 augustus 2010.

Laatste reacties