Bedrijfsfusies mislukken vaker dan huwelijken van Hollywood sterren, aldus het blad The Economist (22 juli 2000). Wil een fusie slagen, dan zijn onophoudelijke aandacht en vastberadenheid nodig. Tot het eind. Het gaat, net als bij een topwedstrijd op Olympisch niveau, om 'een helder doel, volledige overgave, een langetermijnvisie, een intensieve voorbereiding, vasthoudendheid en uiterste concentratie tot de laatste bal.' 'It ain't over till it's over'. Aldus fusieadviseur Theo van Iperen op de pagina's 12 en 170 van zijn recente boek Fuseren is Topsport. Praktijkgids voor het managen van fusies (september 2009, Mediawerf Uitgevers, Amsterdam).
Samenwerken kan op diverse manieren: overeenkomst, joint venture, cooperatie, holding en fusie. Fusie is een vorm van structureel samenwerken tussen organisaties. Zij is in zekere zin 'de moeder aller samenwerkingsvormen en is daardoor extra interessant' (11). Partijen gaan juridisch en operationeel in elkaar op, door de overdracht van het vermogen van de ene partij naar de andere of door overdracht van de vermogens naar een nieuw opgerichte rechtspersoon.
Hij betoogt dat er in het managen van fusies en overnames nog veel aan kwaliteit kan worden gewonnen. Die winst zal zich zijns inziens vertalen in meer werkplezier en in betere resultaten. De juiste aanpak van het fusieproces is doorslaggevend voor succes, zowel om te komen tot de fusie als om de fusiedoelen te bereiken. Terecht gaat het boek dan ook vooral over de proceskant van fusies: hoe pak je het fusieproces zo aan dat een zorgvuldig en effectief proces ontstaat waarin de fusiedoelen worden gerealiseerd en een heleboel fusiedrama wordt voorkomen? Centrale aspecten zijn sturing, monitoring, beheersing en motivatie (pagina 10).
De auteur heeft een helder, functioneel geillustreerd en mooi verzorgd boek geschreven. Hij onderscheidt in het fusieproces vier fasen: orientatie, ontwerp, inrichting en transformatie. Voorts benadrukt hij in de fasen van de voorbereiding (orientatie en ontwerp) het belang van twee mijlpalen: de intentieverklaring en het fusiebeslisdocument. Deze zijn van belang voor de aansturing van het fusieproces.
Fusieprocessen zijn lastig, alleen al vanwege het feit dat zij maar incidenteel voorkomen, in die zin dat directies en toezichthouders er echt bedreven in raken. Meer in het bijzonder zijn last gevende factoren: persoonlijke belangen (vooral in de top); een ontbrekende hierarchie/machtsvacuum en (dus) veel opportunisme; geen gezamenlijke taal en traditie en (dus) veel misverstanden; inhoudelijke complexiteit: hoe maak je de realisatie van je fusiedoelen meetbaar? Al deze factoren kunnen het fusieproces bedreigen en doen dat inderdaad ook vaak.
De combinatie van al deze risico's leidt ertoe dat fusies per definitie een hoog afbreukrisico hebben. Robuust fusiemanagement vergt daarom een aantal bouwstenen, die deze risico's neutraliseren. Zo neutraliseert de auteur (1) persoonlijke belangen door focus op inhoud; (2) ontbrekende hierarchie door aanbrengen van hulpstructuren; (3) geen traditie door ontwikkelen van nieuwe taal en (4) inhoudelijke complexiteit door juiste expertise aan boord te halen. Zo kan balans in het fusieproces worden bereikt (18 - 21).
Een laatste bouwsteen voor succesvol fusiemanagement is het werken op tempo, dus snel handelen. Deadlines halen heeft een belangrijke symboolwaarde. Tijdens de voorbereiding neemt het afbreukrisico exponentieel toe vanaf het moment dat de beoogde doorlooptijd overschreden wordt (22 - 23).
In zijn prettig leesbare boek werkt Van Iperen al deze fasen en bouwstenen op heldere wijze uit. Stemmig vormgegeven figuren, schema's en praktijkboxen dragen ertoe bij dat het boek een welkome introductie is in het echte fusiewerk. Elk hoofdstuk, dat aan een van de vier fasen gewijd is, wordt besloten met achtereenvolgens een communicatieparagraaf (heel belangrijk en handig!) en een samenvatting.
Het woord 'cultuur' komt als zodanig weinig aan bod in het boek, maar het boek staat er wel bol van. Cultuur wordt niet zelden beschouwd als het grote thema/struikelblok bij fusies. Auteur stelt dat cultuurverschillen vaak worden gebruikt als excuus voor andere dingen, die misgaan tijdens de fusie (165). Een intrigerende gedachtengang, die ik zo gek nog niet vind.
Over cultuur moet niet worden gesproken, er moet aan worden gewerkt! Het is immers de grote gemene deler van de manier waarop mensen met elkaar omgaan in een organisatie. Vooral het topteam moet vanaf dag 1 niet werken vanuit de cultuurverschillen tussen de organisaties die samengaan maar vanuit de toekomstige gewenste cultuur van de nieuwe organisatie. Het voorbeeldgedrag van directieleden is altijd en zeker nu cruciaal. Het fusieproces wordt op deze manier zelf het startpunt van de cultuur van de nieuwe organisatie!
Op dinsdag 16 februari a.s. vindt in Naarden (bij APPR) een workshop plaats over Fuseren in Verenigingsland. De workshop wordt georganiseerd door het Platform Beroepsverenigingen i.s.m. de Praktijk voor Goed Verenigingsbestuur. Centraal staan enkele beroepsverenigingen met heel actuele fusie-ervaring; accountants en informatici. Onder de deelnemers bevinden zich diverse personen, die ervaring hebben met een of meer fusies van branche-, beroeps- of andere verenigingen. Ik ben benieuwd naar de topsportersverhalen!
Meer weten over de workshop? Zie voor het programma artikel 114 op dit weblog.
Aanmelden kan nog via verenigingscoach@planet.nl of jonkergouw@phpw.nl.
Theo Jonkergouw
Praktijk voor Goed Verenigingsbestuur.
Noot: zie ook www.fuserenistopsort.nl of www.giotto.nl
Gerelateerde artikelen op dit weblog:
114. Vereniging en toekomst (5): workshop fuseren, waarom, wanneer en hoe? Wat zijn de kritische succesfactoren? Welke zijn de do's en dont's?
112. Vereniging en toekomst (4): fusiegolf in verenigingsland!
111. Vereniging en toekomst (3): Van samenwerking naar fusie, wat zijn kritische succesfactoren?
103. Vereniging en toekomst (2): trends als houvast voor vertrouwen in de toekomst. Ook voor verenigingsdirecteuren. (zie ook de aan het slot van dit artikelen genoemde artikelen).
Laatste reacties